
Berry de Beer raapt in drie jaar tijd drie ton zwerfafval op
AlgemeenZALTBOMMEL - De ene week een boeddhabeeld ‘horen’ vinden, de week erop het beeld ‘zien’; Berry de Beer (60 jaar) kijkt vrijwel nergens meer van op. Al ruim drie jaar struint hij door Zaltbommel en omgeving om zwerfafval op te ruimen.
Dat hij het beeldje ‘zwijgen’ nooit gevonden heeft, is misschien niet voor niets. Want de Bommelse Berry wil het juist van de daken schreeuwen: ‘ruim je rommel op!’
Zwerfafval heeft namelijk niet alleen een grote impact op het milieu, het verstoort het straatbeeld, vermindert de leefbaarheid van wijken en schaadt het ecosysteem.
Golfkarretje
Meer bewegen, luidde het doktersadvies voor Berry, een aantal jaar geleden.
“Ik besloot te gaan wandelen. Wat me tijdens de wandelingen door de Bommelerwaard opviel, was dat er zoveel zwerfafval lag. En als ik later op eenzelfde plek terugkwam, was er alleen maar afval bij gekomen. Ik was toch aan het lopen, dus ik besloot dat ik het dan net zo goed mee kon nemen. Maar dat schoot niet op, ik kwam niet zover omdat een zak al snel vol zat en zwaar werd.”
Een oproep op Facebook leverde hem een golfkarretje op, waarop hij afvalbakken monteerde. “Zo kwam ik verder, kon ik meer afval opruimen en het ook meteen scheiden.”
Na een presentatie over het opruimen van zwerfafval, werd Berry in contact gebracht met het bedrijf dat binnen de gemeente Zaltbommel verantwoordelijk is voor het groenonderhoud. “Zij besloten me in dienst te nemen. Nu rijd ik rond met een elektrisch wagentje.”
Inspiratiebron
Berry mag zich wel een expert in opruimen noemen; in de afgelopen jaren haalde hij al ruim drie ton zwerfafval op.
“Ik realiseer me dat alleen oprapen van afval niet genoeg is om het probleem op te lossen. Natuurlijk zou er iets aan het beleid gedaan moeten worden, maar daar heb ik geen invloed op. Ik kan het wel zelf ophalen en mensen op een leuke manier er bewust van maken dat het opruimen van in ieder geval je eigen afval echt niet raar is.”
“Het mooie van het oprapen van zwerfafval is dat je zichtbaar bent. Mensen komen geregeld naar me toe, dan leg ik uit wat ik doe, waarom en wat de gevolgen zijn van afval dat rondzwerft. Dat inspireert mensen.”
10.000 olifanten
Berry is blij dat hij mensen in de Bommelerwaard op die manier kan bereiken, maar zijn droom is om op nog grotere schaal mensen hun verantwoordelijkheid te laten nemen.
Daarvoor is hij onlangs het initiatief ‘10.000 olifanten’ gestart: een krachtig symbool om de omvang van het probleem zichtbaar te maken. Jaarlijks belandt er in Nederland zo’n vijftig miljoen kilo afval op straat en in de natuur. Dat is te vergelijken met het gewicht van 10.000 olifanten.
Met deze beeldspraak wil Berry de ernst van het probleem benadrukken en mensen aanmoedigen om actie te ondernemen. Op de website 10.000-olifanten.nl staan praktische tips, inspirerende verhalen en updates.
Irritatie
Dat er overal afval ligt, staat hoog op het irritatielijstje van mensen. “Maar er zelf iets aan doen, dat is voor mensen meestal een stap te ver. Terwijl: als iedereen elke dag iets op zou rapen, dan zou er geen zwerfafval meer zijn.”
“Het probleem zou natuurlijk eigenlijk aan de voorkant aangepakt moeten worden: voorkomen dat er dingen zomaar neergegooid worden. Wat ik vooral hoop is dat mensen hun verantwoordelijkheid nemen en elkaar aanspreken op hun gedrag.”
Want het opruimen van zwerfafval is meer dan alleen het schoonhouden van de omgeving, legt Berry uit.
“Afval is niet alleen een probleem voor natuur en milieu, het heeft een veel groter effect. Zo is gebleken dat mensen zich unheimisch voelen in een omgeving waar veel troep rondzwerft. Het gevoel van veiligheid is lager en het drukt zelfs de huizenprijzen.”
Oorlogsgebied
Vooral jongeren gooien uit gemakzucht hun zooi neer waar ze staan. Berry zou dan ook graag juist met deze groep in contact komen.
“Bij die leeftijdscategorie zie je dat groepsdruk een grote rol speelt. Ik woon tegenover een middelbare school; na de pauze lijkt het plein wel een oorlogsgebied, alles ligt naast de prullenbakken. Hoe mooi zou het zijn als dan een persoon uit de groep zou opstaan en de rest erop zou wijzen dat dat niet normaal is.”
“Ik zou graag met de jeugd in gesprek gaan en samen met hen nadenken hoe we dit probleem aan moeten pakken. Het werkt het beste als de jongeren zelf met creatieve ideeën komen, zij weten wat leeftijdsgenoten aanspreekt.”
“Een mooie stap zou bijvoorbeeld ook zijn als influencers hier eens aandacht aan besteden. Want het moet geen gewoonte zijn om dingen zomaar weg te gooien.”
door Marjo van Andel-van ‘t Hoff









