
33 Oekraïense kinderen op De Lispeltuut: ‘Ik vond een briefje: ‘Please take care of my son’’
AlgemeenHEDEL/BOMMELERWAARD – Ruim dertig kinderen uit Oekraïne krijgen sinds vorige week maandag les op Openbare Jenaplanschool De Lispeltuut in Hedel. En dat is niet alleen voor de kinderen zelf een bijzondere ervaring, ook de school zelf ondergaat een cultuurshock. ‘Het Oekraïense volkslied is al met de hand op de borst meegezongen.’
Op het eerste oog valt er niets op aan één van de klaslokalen van De Lispeltuut. Maar wie iets meer de ogen de kost geeft, ziet een bord vol met geknutselde Oekraïense vlaggen. Daaronder hangen getekende gezichten, met de namen van de makers eronder. “Die ene tekening is gemaakt door een meisje van zeven. Ze begon het gezicht met een kruis en een ovaal eromheen en kijk eens hoe knap ze het heeft gemaakt”, vertelt juffrouw Sharon Brands zichtbaar trots.
Vorige week maandag vond de eerste kennismaking met de 33 kinderen plaats. Een bijzonder moment, vond Brands, die lesgeeft aan de groep van 4 tot en met 7 jaar: “De deuren van de bus gingen open en ik zag daar kinderen zitten met héle grote ogen. Ze zien mensen staan die ze heel hartelijk ontvangen maar die ze niet kennen, die niet hun taal spreken, in een land waar ze amper iets van weten. Als moeder zijnde geef je ook alles wat je liefhebt mee die bus in. En wat dan?”
Trauma’s
“Dan is het een kwestie van erop vertrouwen dat het goedkomt”, vult De Lispeltuut-directrice Ingrid Nooijen aan. Zij krijgt op 6 april te horen dat haar school als eerste onderwijsinstelling in de Bommelerwaard in aanmerking komt om zo’n grote groep Oekraïense vluchtelingenkinderen op te vangen. “Wij hadden genoeg ruimte, maar het spannendste deel was om genoeg personeel te krijgen.” Met kunst, vliegwerk, flexibiliteit, uitzendkrachten en de overweldigende hulp van veelal gepensioneerde vrijwilligers is dat in korte tijd gelukt. “De kinderen worden in twee groepen opgevangen - apart van de Nederlandse kinderen - zodat de ontwikkeling van álle leerlingen door blijft gaan. En genoeg leerkrachten krijgen is met Nederlandse kinderen al een fikse uitdaging, laat staan met zo’n taalbarrière en de trauma’s die ze met zich meebrengen.”
Wake-up-call
Op het gebied van traumaverwerking hebben de leerkrachten zich alvast extra kunnen inlezen, maar vooralsnog is die info nog niet van pas gekomen. Dat wil overigens niet zeggen dat de docenten geen moeilijke momenten hebben gekend. Brands kreeg op de eerste dag al een behoorlijke ‘wake-up-call’ toen ze een vierjarig jongetje het schoolplein op zag stappen. “Hij was ontzettend klein en liep in zijn eentje rond met een veel te grote rugtas. Bij de kapstok wist hij niet wat hij moest doen, dus ik hielp hem. Ik keek in zijn rugtas en daar vond ik een briefje van zijn moeder met de tekst: ‘Please take care of my son’.” Ook Nooijen hoorde een schrijnend verhaal: “We hebben nepgeld in de klas, dat we gebruiken om mee te leren rekenen. Toen de kinderen dat zagen liggen, dachten ze gelijk aan hun moeder.” “’Voor mama, eten’”, vult Brands aan.









