
ZVV pleit voor gratis toegang terrein rondom Slot Loevestein
AlgemeenPOEDEROIJEN - ZVV wil dat wandelaars, fietsers en andere passanten weer gratis het terrein van Slot Loevestein op kunnen. Daarbij doelen ze niet op het kasteel zelf, maar wel het terrein rondom het slot.
Sinds vorig jaar vraagt Loevestein entree om het terrein op te kunnen. Daar zijn veel klachten over op social media en ook bij ZVV hebben veel mensen geklaagd. Reden voor gemeenteraadslid Merel Duijzer om daar in het vragenhalfuurtje van de gemeenteraad van afgelopen donderdag vragen over te stellen aan de wethouder. “De meeste mensen in de Bommelerwaard hebben het slot regelmatig gezien”, aldus Duijzer. “Als ze een rondje wandelen of fietsen vinden ze het leuk om in de taveerne even te pauzeren. Maar daar moeten ze nu eerst 15 euro voor betalen. Hoe geweldig zou het zijn als het terrein van Loevestein weer toegankelijk wordt voor iedereen.”
Financiering
In augustus vorig jaar gaf directeur Ed Dumrese een toelichting op het feit dat bezoekers entree moeten betalen, ook als ze alleen een wandelingetje willen maken door de eeuwenoude vesting, het arsenaal en het soldatenstraatje. “Het bestaansrecht van Loevestein is én blijft het behoud van het erfgoed en het museum”, aldus de directeur in een persbericht dat gepubliceerd is op de website van Loevestein.
“De keuzes en de inspanningen zijn door het rijk beloond door Loevestein als rijksmuseum in de wet te borgen. Dat is heel goed en belangrijk nieuws - voor de status, maar vooral ook voor de financiering van het onderhoud. Naast de inspanningen voor nieuwe exposities en meer educatie is Loevestein ook verantwoordelijk geworden voor het beheer van gebouwen en terreinen in de hele vesting. Al deze kosten zijn niet op te brengen door gratis toegang.”
Wethouder Willem Posthouwer beloofde Duijzer donderdag nogmaals in gesprek te gaan met Slot Loevestein over de mogelijkheid om gratis naar het buitenterrein te kunnen en zo de taveerne te kunnen bereiken. “Maar ik wil de verwachtingen daarover wel temperen.”









