Verbindingen van nu,
monumenten van later:
de bruggen van Zaltbommel
De Martinus Nijhoffbrug van Zaltbommel
Martinus Nijhoffbrug
ZALTBOMMEL - In januari 1996 werd de nieuwe Martinus Nijhoffbrug
geopend door de Minister van Verkeer en Waterstaat (Mw. Jorritsma). Naast deze brug zal ooit, dat is de
bedoeling, een identieke tweede brug komen.
De sierlijke en bredere Martinus Nijhoffbrug is een tuibrug. De vier palen van de 'vierstokkenbrug', iets hoger dan de
kerktoren van Zaltbommel, geven de brug een monumentale aanblik. De vormgeving is imposant maar ingetogen en past bij het landelijke karakter van de omgeving. Ontwerper is Cor Kuilboer, ingenieur bij de Bouwdienst Rijkswaterstaat. De nieuwe Waalbrug staat in de Nederlandse traditie van
zakelijke bruggen. De brug moet aandacht trekken, maar niet afleiden. Als je over de brug rijdt heeft de brug een ander, meer speels karakter. Met haar haast dansende, steeds
verspringende staalkabels, tegen een achtergrond van de steuntorens en daarachter weer het fraaie decor van de Waal en het silhouet van het stadje Zaltbommel.
De keuze om geen pijler in de rivier te bouwen heeft de
vormgeving sterk beïnvloed. De overspanning van 256 meter kon dan alleen via een boog of tui-constructie worden
opgevangen. De keuze viel op een tuibrug omdat die ter plaatse kon worden gebouwd. Daarna is gekozen voor een steunpilaar in plaats van twee, omdat dit technisch en economisch het aantrekkelijkst was. Zo ontstond de ranke brug, ontdaan van elke overbodigheid.
De ontwerper (Kuilboer) is dan ook een functionalist. De
beroemde kreet: 'Less is more', van de Bauhausarchitect
Ludwig Mies van der Rohe is geheel van toepassing. De
constructie bepaalt de vorm, de logische lijnen van de
krachtoverdrachten zijn zichtbaar en er is zoveel mogelijk
gedaan met zo min mogelijk materiaal.

De drie bruggen over de Waal bij Zaltbommel (foto Clara van Wijnen).